"40 jaar ervaring bij overheid, bedrijfsleven en universiteit. Die wil ik overbrengen op nieuwe generaties. En daarbij zo nu dan lekker polemiseren met de stadskabouters."

Grondbeleid - een onderhoudsbeurt volstaat

Essaybundel van de Raad voor de financiële verhoudingen, Oktober 2017

"40 jaar ervaring bij overheid, bedrijfsleven en universiteit. Die wil ik overbrengen op nieuwe generaties. En daarbij zo nu dan lekker polemiseren met de stadskabouters."

"40 jaar ervaring bij overheid, bedrijfsleven en universiteit. Die wil ik overbrengen op nieuwe generaties. En daarbij zo nu dan lekker polemiseren met de stadskabouters."

Symposium ‘Slim Vlottrekken’ spraakmakend

9 april 2012

Onze praktijkleerstoel Gebiedsontwikkeling TU Delft organiseerde samen met congresbureau Rostra op 15 maart 2012 wederom een groot -en deze keer overtekend -symposium  rond het thema ‘gebiedsontwikkeling’.  Wij lieten zien wat wel kan werken, welke aanpak en partners perspectief bieden. Maar ook wat wij naar de afdeling wishfull thinking moeten deponeren.

Een videoreportage (van een kwartier) geeft de stellingnames weer van de inleiders Roger van Boxtel, Henk Ovink, Friso de Zeeuw, Taco van Hoek, Peter Jansen, Guido Verhoef, Mary Fiers en Rob de Jong.

Alles over het congres is hier te lezen.

Mij inspireerde het symposium tot de volgende beschouwing
.
“Breek dat kolossale AMC maar af”. Dat radicale advies gaf Roger van Boxtel, topman van zorgverzekeraar Menzis, op ons congres.

Aan de zuidrand van Amsterdam staat een van de grootste ziekenhuizen van ons land, het Academisch Medisch Centrum, kortweg AMC. Rijdend op de A2 vanuit Utrecht,  zie je het megagebouw al van verre. Van Boxtel bracht met zijn uitspraak tot uitdrukking dat de grote algemene ziekenhuizen hun langste tijd gehad hebben. In zijn visie krijgen een , met de voortgaande vergrijzing van onze bevolking een decentralisatie van dagelijkse zorgvoorzieningen, eerstelijnszorg en poliklinieken op wijkniveau. Hij voorziet voor specialistische hulp juist een schaalvergroting, anders worden deze voorzieningen onbetaalbaar. Vooral de mensen in de dunbevolkte delen van ons land merken; zij zullen langer moeten reizen.

Directeur Rob de Jong van centrumplan-ontwikkelaar Leijten liet daarna zijn licht schijnen over het perspectief van de retailbranche. Hij voorziet een zekere concentratie van winkelcentra voor de dagelijkse boodschappen en – op een hoger schaalniveau uiteraard – eveneens voor het niet-dagelijkse shoppen. Verder voorspelt hij dat de ’verblokkering’ onstuitbaar doorzet.

Alleen al met deze twee voorbeelden zien wij uiteenlopende tendensen in het voorzieningenpatroon van onze buurten, wijken dorpen en steden. Op gebieds(her)ontwikkeling hebben deze veranderingen uiteraard grote invloed. De tendens is niet eendimensionaal grootschaliger of kleinschaliger. Het hangt vooral af van veranderingen in de (koopkrachtige) vraag van mensen. En ook van de kostenontwikkeling, wijze van bekostiging en de technologische ontwikkeling in de betreffende branche.

Het gaat echter niet alleen om fysieke schaalvergroting of -verkleining van voorzieningen. Het gaat ook om zeggenschap, herkenbaarheid (of juist vervreemding) en emotie.
Ik zie verband tussen het terugdringen van megalomane organisatiestructuren, overburocratisering en de menselijke maat gebiedsontwikkelingen. Wij moeten beter aansluiten op de beleving en appreciatie van mensen. En tegelijkertijd beslissen, genieten en betalen weer dichter bij elkaar brengen. In de zorg – met zijn totaal uit de handlopende kosten –  is dat onontkoombaar, zo maakte van Boxtel ons duidelijk. Waar dat al wel het geval is, zoals in de winkelvoorzieningen, moeten we de mensen direct confronteren met hun keuze voor de Blokker, het Kruidvat en Miss Etam. Waar het kan wel ruimte maken voor lokale winkels, als aanvulling, dat is de les van Rob de Jong. Overigens kunnen nieuwkomers in de wereld van retailketens voor ongekende dynamiek zorgen. Nu mijn echtgenote de Primark in Zaandam heeft ontdekt, zien mijn zaterdagen er anders uit.